I&I-> Jaargangen -> Artikel

Waarom een nieuw telefoonnummerplan?

Door: Jeannette Nugter

In dit artikel wordt niet ingegaan op de campagnes, noch op de technische voorbereidingen op het gebied van infrastructuur en informatiesystemen binnen ptt Telecom die nodig zijn voor de invoer van een nieuw nummerplan in Nederland. De aandacht zal uitgaan naar de tot nu toe enigzins onderbelicht gebleven redenen van deze omvangrijke wijziging en in het bijzonder het belang van een goed nummerplan voor de steeds groeiende telecommunicatie markt in Nederland.

Op 10 oktober van dit jaar wordt in Nederland een nieuw 10-cijferig nummerplan ingevoerd. Nederland neemt hiermee geen uitzonde ringspositie in: ook andere landen hebben soortgelijke plannen of hebben reeds een grootschalige nummerwijziging achter de rug. Zo zijn op Eerste Paasdag ( 16 april, 1995) de nummers in Engeland veranderd, heeft Noorwegen in 1992 een wijziging doorgevoerd, Turkije in 1993 en wordt momenteel zowel in Duitsland als in Frankrijk gewerkt aan een wijziging die nog voor het einde van deze eeuw zal worden ingevoerd.

Het is niet echt mogelijk de specifieke nationale wijzigingen met elkaar te vergelijken: in theorie zijn er namelijk meerdere nummerplanstructuren mogelijk. Bovendien zal het bestaande nationale nummerplan altijd van invloed zijn op de uitein delijke keuze: immers, hoe minder ongemak de wijzigingen voor de abonnees betekenen, hoe be ter. De achterliggende redenen vertonen wel degelijk gelijkenis, zeker binnen de Europese Unie. De belangrijkste gemeenschappelijke reden is gelegen in de omvangrijke groei van telecommunicatie in de afgelopen decennia. Behalve dat veel meer huishoudens dan voorheen over een telefoonaanslui ting beschikken, heeft de ontwikkeling van nieuwe telecommunicatiemogelijkheden geleid tot een groter beslag op telefoonnummers. De opkomst van de fax, en dus van het faxverkeer, is een voor de hand liggend voorbeeld. Maar op zoveel meer plaatsen spelen telefoonnummers een rol zoals bij datacommunicatie, meet- en meldingsapparatuur (waterstandsmetingen, snuffelpalen, beveiligings apparatuur) en betaalautomaten. Overal waar een telecommunicatieverbinding nodig is, is in begin sel ook een (telefoon)nummer nodig. De van oorsprong alleen op spraakverkeer ingestelde natio naal ontwikkelde nummerplannen bereiken daarmee de grenzen van hun capaciteit.

Een andere gemeenschappelijke reden is gelegen in de liberalisering van de telecommunicatiemarkt. Er komen steeds meer spelers op de telecommunicatiemarkt. Vanzelfsprekend hebben deze spelers ook nummers nodig om hun klanten aansluitingen te kunnen bieden.

Naast deze gemeenschappelijke redenen zijn er toch ook, binnen de diversiteit van de gekozen nummerplanstructuren, gemeenschappelijke op lossingen en tendensen aan te wijzen. Een duidelijk voorbeeld betreft de introductie in vele landen van 'free phone'-diensten onder een 0800-nummer en, binnen de eu, de invoering van het Europees alarmnummer 112.

De geschiedenis van het plan

De geboortedatum van het telefoonverkeer in Nederland is te traceren op 1 juni 1881, vijf jaar nadat Alexander Graham Bell het eerste telefoongesprek in de geschiedenis voerde. Op deze datum startte in Amsterdam een klein telefoonnet. Nederland was hiermee een van de koplopers in Europa.

Het opbouwen van een verbinding gebeurde handmatig door tussenkomst van een telefoniste. Geleidelijk ontstond op meer plaatsen in Nederland de mogelijkheid om te bellen. Dit waren ech ter nog steeds lokale netten. Ook interlokaal verkeer was daardoor slechts mogelijk door tussen komst van de telefoniste. Er bestonden in die tijd dan ook nog geen netnummers: men vroeg een voudigweg een gesprek aan met abonneenummer xxx in Utrecht. Heden ten dage zien we deze wijze van telefoneren nog (gedeeltelijk) terug in het bel verkeer met die landen waarmee niet rechtstreeks kan worden gebeld.

In 1930 werd de eerste centrale geautomatiseerd: de handelingen van de telefoniste werden vervangen door de Elektro Mechanische centrale ( em-centrale). Tevens werd een begin gemaakt met het koppelen van de diverse lokale telefoonnetten. Hierdoor werd het noodzakelijk de verschillende lokale netten van een eigen nummer te voorzien: de centrale moest immers kunnen 'begrijpen' waarheen een verbinding moest worden opgebouwd. De invoering van netnummers was hier mee een feit.

Bij het toekennen van netnummers aan centra les is indertijd geprobeerd een zekere geografische betekenis aan de netnummers mee te geven: zo beginnen de netnummers van steden en dorpen rondom Utrecht (030) ook met 03 (voorbeeld: Hilversum 035, De Meern 03406). Met de groei van het telefoonverkeer kon deze ordening echter niet consequent worden doorgevoerd: een duidelijk voorbeeld is het netnummer van Den Haag (070) midden in een gebied waar de rondomliggende netnummers beginnen met 01. Toch is een stukje geografische bekendheid wel behouden ge bleven: men weet veelal dat 020 het netnummer van Amsterdam is, 010 het netnummer van Rotterdam, etcetera.

Vandaag de dag kent Nederland 1046 netnummergebieden en daarmee eenzelfde aantal netnum mers. Het gehele net is sinds 1930 geautomatiseerd en sinds eind vorig jaar is het verkeer tussen cen trales zelfs geheel gedigitaliseerd: de laatste em-centrale is in december 1994 vervangen. Het aantal aansluitingen is gegroeid tot meer dan acht mil joen. De verschillende combinaties van net- en abonneenummer van dit zogeheten 'vaste' net worden gebruikt voor spraakverkeer, faxverkeer, dataverkeer en isdn. Tevens wordt aan de hand van deze nummerstructuur het tarief bepaald.

De afgelopen decennia hebben de ontwikkelin gen in de telecommunicatie, de wensen van de markt en internationale afspraken geleid tot tus sentijdse wijzigingen van en in gebruikname van nieuwe combinaties binnen het bestaande num merplan. Zo bestond vóór 1984 alleen voor ptt Telecom de mogelijkheid om gratis nummers voor bepaalde diensten aan te bieden. Hiervoor werd de 00x-reeks gebruikt (een bekend voorbeeld is 008). Maar ook marktpartijen wilden de mogelijkheid hebben hun klanten een gratis nummer te bieden. Tevens wilde men via de telefoon diensten aan kunnen bieden waarvoor een hoger tarief berekend kon worden dan op grond van de net- en abon neenummerstructuur het geval zou zijn. Daarnaast ontstond de mogelijkheid voor draadloos verkeer: de invoering van autotelefonie en semafonie zijn hier duidelijke voorbeelden van. Het tot dan toe gehanteerde nummerplan, met zijn vaste net- en abonneenummer structuur gekoppeld aan tariefge bieden, bood aan beide ontwikkelingen geen plaats. Hiervoor moesten andere nummers worden 'gevonden' . Er is toen besloten zowel draadloos verkeer als speciale spraakdiensten (gratis, koop en tarief) in de nog niet in gebruik zijnde 06-reeks onder te brengen.

Door het openstellen van de 06-reeks voor deze vormen van verkeer werd ook een stukje dienstherkenbaarheid aan de nummers gegeven: het me rendeel van de mensen in Nederland weet dat wanneer een nummer begint met 06, er geen sprake is van een 'gewoon' nummer, van een 'gewone' spraakdienst. Het is minder bekend dat binnen de 06 -reeks nog een verdere herkenbaarheid is aangebracht: mobiele nummers beginnen namelijk altijd met 065, de gratis nummers altijd met 06-0 of 06 -4, en koop- en tariefnummers altijd met 06-3.

Wereldwijd werd ondertussen afgesproken dat mettertijd overal één en hetzelfde internationale toegangsnummer zou worden ingevoerd: 00. In Nederland werd 09 als internationaal toegangsnummer gehanteerd, omdat 00 in gebruik was voor de gratis diensten van ptt Telecom (tijdmel ding, inlichtingen telefoonnummers). Om aan deze internationale afspraak te kunnen voldoen zijn eerst de 00x-diensten 'verhuisd' naar de 06-reeks ( 1 januari 1993). Vervolgens kon op 1 januari 1994 00 worden ingevoerd als internationaal toegangsnummer. 09 is op 1 juli van dat jaar definitief buiten gebruik gesteld.

Naast bovenstaande ontwikkelingen bleek de ca paciteit van de beschikbare nummers voor het 'gewone' telefoonverkeer niet overal toereikend. Re den waarom in diverse netnummergebieden de lengte van het abonneenummer werd uitgebreid. Zo is in bijvoorbeeld Amsterdam, Den Haag en Rotterdam een extra, zevende cijfer aan het abon neenummer toegevoegd.

Bovenstaande samenvattend ziet het huidige Nederlandse nummerplan er als volgt uit:

1 De 'gewone' telefoonnummers, de fax- en de isdn-nummers (zogenaamde geografisch gebonden nummers) bestaan altijd uit een net- en een abonneenummer. De in gebruik zijnde netnummers beginnen met 01, 02, 03, 04, 05, 07 of 08 en zijn minimaal drie en maximaal vijf cijfers lang, waarbij de lengte van de abonneenummers varieert tussen minimaal drie en maximaal zeven cijfers.

2 De nummers van autotelefonie en semafonie (zogenaamde mobiele of niet-geografisch gebonden nummers) beginnen met 065.

3 De gratis diensten (zogenaamde 'free phone' of 'groene' nummers) beginnen met 06-0 of 06-4, de koop- en tariefnummers (zogenaamde 'pre mium-rate' nummers) met 06-3.

4 Het internationale toegangsnummer is 00.

5 Er zijn geen nummers die met 09 beginnen.

Hoewel de meeste mensen zich van bovenstaande indeling niet bewust zullen zijn, wordt onbewust toch veel informatie uit het nummer afgeleid:

· tariefinformatie (binnenbasis, internationaal, au totelefoon, gratis);

· geografische informatie (020 is Amsterdam); en

· dienstinformatie (groen nummer, internatio naal, semafoon).

Recente ontwikkelingen

Tot nu toe bleken de ontwikkelingen in telecommunicatieland vrij goed in te passen in het be staande nummerplan. Recente ontwikkelingen maakten echter een structurele herbezinning noodzakelijk:

Groeiende behoefte aan telefoonnummers

In het verleden is in Nederland steeds op een ad -hoc wijze de behoefte aan extra nummercapaciteit ingevuld. Zoals hierboven reeds beschreven, is dit gebeurd door waar nodig een extra cijfer voor het abonneenummer te plaatsen. De grote vraag naar telecommunicatiediensten (en dus naar telefoonnummers) leidt er echter toe dat zonder maatrege len op korte termijn (medio 1996) op een groot aantal plaatsen in Nederland een capaciteitstekort zal ontstaan. Een duidelijke stimulans om eens over een structureel 'groter jasje' te gaan denken.

Europees alarmnummer

Binnen de Europese Unie (eu) is ook een interesse voor telefoonnummers ontstaan. Dit is niet zo verwonderlijk. Immers, het bestaan van voldoende te lefoonnummers is een conditio sine qua non voor een onbelemmerde groei van de telecommunica tiemarkt. Ook de nummerplanstructuur heeft de aandacht getrokken. Zo speelt men bijvoorbeeld met de gedachte de landennummers binnen de eu te vervangen door één 'Europees' landennummer. Op korte termijn is een dergelijke wens echter zeer moeilijk te realiseren.

Een andere wens heeft betrekking op de intro ductie van Europese telefoondiensten, dat wil zeggen diensten die voor de gehele eu onder hetzelfde nummer worden aangeboden en die overal dezelf de soort informatie verschaffen en/of dezelfde dienst aanbieden. Op dit moment bestaat er concreet overeenstemming over één zo'n Europese dienst, te weten het Europees alarmnummer 112. 112 zal de huidige nationale alarmnummers binnen de eu hetzij gaan vervangen, hetzij parallel daaraan gaan bestaan. Het voordeel voor de Europese con sument is duidelijk: waar je ook bent in de eu, 112 leidt altijd tot de plaatselijke alarmdienst. Dit is met name bij noodsituaties in het buitenland een prettige gedachte. Het Europees alarmnummer dient 31 december 1996 te zijn ingevoerd. Alleen Spanje heeft uitstel op deze invoeringstermijn gekregen, dit in verband met de staat van automati sering van het Spaanse telefoonnet. Over andere Europese diensten, bijvoorbeeld een Europees weermeldings- of tijdsmeldingnummer (uiteraard wel met regionale informatie), is nog geen over eenstemming bereikt. Wel is duidelijk dat daarvoor ook de 1xx reeks zal worden gebruikt.

De invoering van een 1xx reeks is in de Neder landse nummerplanstructuur niet zonder meer mogelijk. Het huidige alarmnummer is immers in de 06-reeks ondergebracht. Bovendien zou de invoering van een dergelijk nummer op abonnee nummerniveau tot fout kiezen kunnen leiden. Een risico wat gezien het belang van een dergelijk nummer niet aanvaardbaar is ('iedere seconde telt'!).

Liberalisering van de markt

Uiterlijk 1 januari 1998 wordt ook de markt voor gewone telefonie (spraakdiensten) geliberaliseerd. De komst van meerdere aanbieders betekent een extra vraag naar telefoonnummers. Immers, de toekomstige concurrent van ptt Telecom zal nummers nodig hebben om zijn diensten aan te kunnen bieden. De Nederlandse overheid heeft derhalve ptt Telecom de opdracht gegeven extra nummercapaciteit te creëren om in de te verwach ten behoefte naar nummers op een geliberaliseerde markt te kunnen voldoen.

0800/0900-diensten

De toenemende internationalisering van de telecommunicatiemarkt leidt behalve tot meer con currentie ook tot meer harmonisatie. Dat is ook een noodzakelijk vereiste: de diverse telecommuni catie-infrastructuren zullen met elkaar moeten kunnen 'praten' om (inter)nationaal verkeer mo gelijk te maken. Naast technische harmonisatie treft dit ook nummers. In de Verenigde Staten zijn in een vroeg stadium de 'free phone'-diensten in een 0800-reeks gepositioneerd. Deze Amerikaanse standaard is internationaal een begrip gaan vormen en verovert nu langzamerhand de wereld. Zo heeft de International Telecommunications Union (itu) onlangs het besluit genomen een 'global free phone'-nummer te introduceren: dit bete kent dat bedrijf x zo'n nummer kan kiezen, dit nummer wereldwijd kan positioneren en uiteraard wereldwijd onder dit nummer bereikbaar zal zijn. De daadwerkelijke introductie van zo'n global free-phonenummer zal nog wel even op zich laten wachten. Op nationaal niveau echter gaan al steeds meer aanbieders van telefoondiensten er toe over een 0800-reeks te introduceren voor nationale free-phonediensten. En voor gebruik binnen Europa heeft ptt Telecom onlangs het Europees 800-nummer geïntroduceerd. Koop- en tarief nummers worden veelal uitdrukkelijk in een andere reeks gepositioneerd ( 0900), om verwarring voor de consument te voorkomen.

Ook in Nederland is door marktpartijen de wens geuit 0800/0900-diensten te kunnen aanbieden. Een eerste reden is uiteraard gelegen in het feit dat 0800-nummers in steeds meer landen worden ingevoerd. Een tweede reden is dat de huidige positonering binnen de 06-reeks tot onduidelijkheid bij de beller leidt: zoals reeds eerder beschre ven weet de consument vaak wel dat een nummer dat begint met 06 een ander soort nummer is, maar daarmee houdt het inzicht vaak op.

Het nieuwe Nederlandse nummerplan

De zojuist geschetste ontwikkelingen vormden uiteraard de eerste vier criteria waaraan een nieuw te ontwikkelen nummerplan zou moeten voldoen:

1 het scheppen van een nummervoorraad die past bij de te verwachte groei van de telecommunicatiemarkt (inclusief de vraag naar nummers ten gevolge van de introductie van nieuwe diensten);

2 de verplichte introductie van 112 en mogelijk an dere Europese diensten (11x of 1xx)

3 de komst van concurrentie; en

4 de marktvraag naar een duidelijk herkenbare free phone en premium-rate nummerreeks (0800/0900) en daarmee tevens de marktvraag naar duidelijk herkenbare 'mobiele' nummers.

Drie andere belangrijke eisen waren dat:

5 de invoering van nieuwe nummers niet van in vloed mocht zijn op de tariefstructuur, dat wil zeggen dat een telefoongesprek van a naar b niet opeens meer (of minder) mag gaan kosten van wege het feit dat de nummers veranderen (tariefneutrale invoering);

6 de nummerwijziging zo 'logisch' mogelijk moest zijn om verwarring bij de klant te minimaliseren; en

7 de tariefstructuur voor de klant duidelijker her kenbaar zou worden.

(Uiteraard was en is het tevens een randvoorwaar de dat de klant maximaal wordt ondersteund bij de overgang van het oude naar het nieuwe num merplan. Deze randvoorwaarde valt echter buiten het bestek van dit artikel)

De structuur van het nieuwe nummerplan

Na een uitgebreide studie van de diverse mogelijk heden en de gemaakte keuzes in andere landen en na overleg met het Ministerie van Verkeer en Wa terstaat en met diverse belangenorganisaties, is uit eindelijk gekozen voor een gefaseerde aanpak. Niet alle randvoorwaarden zijn namelijk tegelijkertijd te realiseren: zo is de introductie van 112 pas (veilig) mogelijk wanneer er geen abonneenummers meer bestaan die beginnen met het cijfer één. En een soepele invoering van 0800 vereist dat er geen net nummers meer zijn die beginnen met 08. Daarom worden éérst de nummers van de geografisch ge bonden diensten gewijzigd. Pas daarna kan 112 worden ingevoerd en kunnen bijvoorbeeld 0800/0900-diensten worden geïntroduceerd.

De wijziging van de geografisch gebonden num mers vindt plaats op 10 oktober aanstaande. Concreet betekent dit dat de volgende wijzigingen worden aangebracht:

1 het aantal netnummergebieden wordt terugge bracht van 1046 tot 141; waarbij

2 de net- en abonneenummers zullen gaan bestaan uit óf een drie-cijferig netnummer met een ze ven-cijferig abonneenummer óf een vier-cijferig netnummer met een zes-cijferig abonneenummer.

Tevens:

3 worden tegelijkertijd de netnummers die begin nen met 08 omgenummerd; evenals

4 de abonneenummers die beginnen met het cijfer één, zeven, acht of negen; en ten slotte zal

5 het nieuwe abonneenummer altijd bestaan uit het oude abonneenummer met één of meer cij fers ervoor geplaatst.

Ad. 1 141 netnummergebieden

Door het aantal netnummergebieden terug te brengen van 1046 tot 141 wordt extra nummercapaciteit gerealiseerd. Een teruggang naar een klei ner aantal is niet mogelijk doordat anders het uitgangspunt van een tariefneutrale invoering verlo ren zou gaan (Nederland kent 141 zogenaamde tariefgebieden). Tevens schept de vermindering van het aantal netnummers een duidelijker beeld van de tariefstructuur: wie in het gebied van een be paald netnummer woont, kan met iedereen in dat gebied telefoneren voor het binnenbasistarief. Maar het binnenbasisgebied is groter dan het eigen netnummergebied: in het algemeen geldt het binnenbasistarief ook voor de gebieden die grenzen aan het eigen netnummergebied. Minder net nummergebieden betekent dat een duidelijker overzicht kan worden gegeven van het gehele bin nenbasisgebied.

Ad 2 Structuur net- en abonneenummer

Een vaste structuur van net- en abonneenummers (3+7 of 4+6) levert eveneens meer capaciteit. (Ove rigens betekent deze nieuwe structuur dat de telefoonnummers in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Almere, Almelo, Woerden en Vriezenveen niet wijzigen: deze nummers gebruiken reeds de nieuwe structuur.)

Ad 3 Leegmaken 08-reeks

Het leegmaken van de 08-reeks schept ruimte om in een later stadium 0800-nummers te kunnen introduceren.

Ad 4 Geen abonneenummers meer die beginnen met één, zeven, acht of negen

Door het omnummeren van abonneenummers die beginnen met het cijfer één wordt de mogelijkheid geschapen volgend jaar 112 in te kunnen voeren. Tevens is dan ruimte gecreëerd voor mogelijke an dere Europese diensten (11x of 1xx).

Door de cijfers zeven, acht en negen vrij te ma ken, wordt het mogelijk, indien noodzakelijk, snel en eenvoudig extra nummercapaciteit te scheppen door integraal voor alle abonneenummers in Nederland één van deze drie cijfers te plaatsen (overi gens zal de acht nog wel voorkomen in Almelo, Woerden en Vriezenveen). Het is op dit moment niet de verwachting dat een dergelijke wijziging in de nabije toekomst werkelijkheid zal worden. Met de nieuwe voorraad nummers kan Nederland in beginsel de eerstkomende tien tot vijftien jaar vooruit.

Ad 5 Oude nummer deel van nieuwe nummer

Doordat het nieuwe abonneenummer altijd bestaat uit het oude abonneenummer met één of meerdere cijfers ervoor, blijft het eigen nummer herkenbaar.

De overgang naar de nieuwe geografisch gebonden nummers start zoals gezegd op 10 oktober aanstaande. Vanaf die dag kunnen de nieuwe num mers worden gebeld. De oude nummers blijven nog gedurende zes maanden (tot 10 april 1996) 'in dienst'. Deze periode van 'dubbele bereikbaarheid' is noodzakelijk om het Nederlandse bedrijfsleven in staat te stellen de noodzakelijke technische aan passingen door te kunnen doorvoeren zonder on bereikbaar te worden. Na 10 april 1996 zal er nog gedurende één maand van melderbandjes gebruik worden gemaakt. Daarna is het definitief afgelopen: belt men dan nog een oud nummer, dan hoort men de informatietoon. Pas na dit moment kan de nieuwe voorraad nummers ook daadwerke lijk worden gebruikt en kan worden begonnen met de invoering van zowel het Europees alarm nummer 112 als de 0800/0900-nummers. Voor beide (112 en 0800/0900) zal uiteraard een migratiepad worden gevolgd: 06-11 zal een tijdje parallel naast 112 bestaan, de 06-0, 06-4 en 06-3-nummers zullen eveneens een tijd parallel aan de nieuwe 0800/0900-nummers bestaan. Uiteindelijk zal het nieuwe Nederlandse nummerplan er dan uitzien als weergegeven in figuur 1.

Tot slot

Met de invoering van het nieuwe nummerplan zal de discussie over nummers beslist niet afgelopen zijn. Op het moment dat concurrentie ook op spraak wordt ingevoerd zal immers door de over heid een uitspraak moeten worden gedaan hoe de extra gecreëerde nummerruimte te verdelen over de diverse aanbieders. Vanuit de markt zal daarenboven worden gevraagd naar nummerportabiliteit, dat wil zeggen de mogelijkheid om van aanbieder a naar aanbieder b te switchen met behoud van het eigen nummer (dit is op dit moment overigens technisch nog niet te realiseren). In een geliberali seerde omgeving zullen telefoonnummers hoe langer hoe meer worden beschouwd als strategische 'assets', evenals de onderliggende nummerplannen.