Door P. Vis
De markt is slechts beperkt maakbaar.
Aanvaard moet worden dat de overheid altijd tot op zekere hoogte achter de ontwikkelingen in de markt aan zal lopen. Illustratief in dit verband is de omslag in de Verenigde Staten naar een op liberalisatie van de markt gebaseerd beleid. Het proces daartoe is niet door de Executive Branche in gang gezet. Op een goede dag gebeurde het gewoon.
Een eenvoudige wet en een sterk bestuursorgaan.
Alert volgen van de ontwikkelingen, en waar nodig doelmatig bijsturen, zal centraal moeten staan bij het overheidsoptreden. Om dat te kunnen doen moet de wet eenvoudig zijn. De wet moet de doelstellingen van het telecommunicatiebeleid vastleggen en aangeven welke instrumenten gebruikt kunnen worden om die doelen te verwezenlijken. Anders gezegd, de wet moet aangeven wat voor de telecommunicatiemarkt we als maatschappij willen hebben. Een onafhankelijke uitvoerder, voorzien van voldoende bevoegdheden om slagvaardig en geloofwaardig te kunnen optreden, moet vervolgens zorgen voor de feitelijke invulling van de overheidsrol.
Regulering van de marktstructuur.
De aandacht zal om voor de hand liggende redenen de komende tijd vooral gericht moeten zijn op het scheppen van gunstige voorwaarden voor het ontstaan van concurrentie. Tijdens de gesprekken met Amerikaanse regelgevers kwam naar voren dat op iets langere termijn ook het behoud van concurrentie een belangrijk punt van aandacht zal moeten zijn. Voorkomen zal bijvoorbeeld moeten worden dat de ex-monopolist nieuwkomers op de markt overneemt zodra deze een reële bedreiging kunnen gaan vormen. Ook andere vormen van concurrentie belemmerend acquisitiegedrag zijn denkbaar. Om effectief op te kunnen treden tegen concurrentie-belemmerende concentraties zal het nodig zijn een mededingingsparagraaf in de nieuwe WTV op te nemen. De Nederlandse mededingingswetgeving geeft immers pas ruimte voor actie nadat misbruik van macht kan worden aangetoond. Dan is het echter al te laat. De nieuwe WTV zou in deze benadering niet alleen instrumenten moeten geven om te sturen op marktgedrag, maar de uitvoerende instantie ook moeten voorzien van middelen om in te grijpen als de structuur van de markt daar aanleiding toe geeft.
Two wire principle.
Tijdens de contacten in de
Verenigde Staten kwam naar voren dat het moeilijk voorstelbaar is
dat effectieve concurrentie op dienstenniveau tot stand zal
kunnen komen als de verbindingen in handen zijn van
één van de aanbieders van telecommunicatiediensten.
Dit vertaalt zich voor het reguleren van de marktstructuur in het
toepassen van het 'two wire principle'. Dat betekent dat wordt
gestreefd naar een situatie waarin tenminste twee onafhankelijke
partijen zorgdragen voor het feitelijk transport van informatie,
en dat deze transportcapaciteit op niet discriminerende basis ter
beschikking wordt gesteld aan de dienstenaanbieders. Het two wire
principle zou ook in de Nederlandse situatie nuttig kunnen zijn
bij de toepassing van de hiervoor genoemde, nieuw in de WTV op te
nemen, mededingingsparagraaf.
Common Carrier of broadcaster.
Voor een goed begrip van
de Amerikaanse telecommunicatieregulering is het belangrijk te
weten wat onder common carrier wordt verstaan. In het Amerikaanse
recht heeft common carrier een bijzondere betekenis. De common
carrier is verplicht alle goederen en diensten te vervoeren,
ongeacht de inhoud en ongeacht de aanbieder. De common carrier
heeft niet het recht het vervoer te weigeren. Dit is
vergelijkbaar met openbare dienstverplichting in het Nederlandse
recht en in het EU-recht. Telecommunicatie-ondernemingen die hun
diensten aan het publiek aanbieden worden beschouwd als common
carriers.
Maatwerk.
Opvallend is de grote flexibiliteit in het
systeem. Vanuit de op politiek niveau geformuleerde wenselijkheid
van goede telecommunicatievoorzieningen en een pluriform
informatieaanbod gaan de beleidmakers en de uitvoerders aan de
slag met als leidraad het algemeen belang.
Technologieonafhankelijke sturing.
In algemene zin valt er in het optreden van FCC een verschuiving
waar te nemen van technology separation, zoals we die ook
aantreffen in de huidige WTV, naar toetsing van marktgedrag met
een sterke voor keur voor gezonde mededinging als
reguleringsmechanisme.
Sturing ook op marktstructuur.
Een belangrijke
invalshoek voor FCC regulering is het tegengaan van
machtsconcentraties, voor zover die concentraties niet
noodzakelijk zijn in verband met economies of scope. In dit
verband wordt cross-ownership met de nodige argwaan bezien.
Concurrentie waar de markt dat toelaat.
Opvalle
Beheersen van de bureaucratie.
Positief aan het systeem
in de VS is dat door de flexibiliteit en de grote mate van
bewegingsvrijheid voor de uitvoerende instanties, ontwikkelingen
in de markt goed kunnen worden gevolgd. Mede hierdoor is er een
telecommunicatiemarkt ontstaan die onbetwist als toonaangevend in
de wereld kan worden beschouwd. De prijs die daarvoor moet
worden betaald is ingewikkelde regelgeving en een indrukwekkende
bureaucratie. Tot in detail wordt geregeld wat marktpartijen
mogen en moeten.
Vastleggen van het einddoel.
Naar voren kwam dat het met oog op de effectiviteit van de wetgeving in de praktijk, belangrijk is in de nieuwe wet de beoogde (eind)situatie vast te leggen. De wet zal het scheppen en in stand houden van feitelijk concurrentie als doel doel moeten formuleren. Essentieel is ook dat de beleidsdoelstellingen technologieonafhankelijk worden geformuleerd. Geadviseerd werd tenslotte er zorgvuldig op toe te zien dat de telecommunicatieregulering geen boodschap heeft aan de inhoud van de boodschap.
Regel overgangsmaatregelen op uitvoeringsniveau.
Probeer niet in de wet aan te geven hoe de eindsituatie moet worden bereikt. De werkelijkheid zal toch altijd anders uitpakken dan op het moment van schrijven kan worden voorzien. Het is voldoende in de wet aan te geven over welke instrumenten de uitvoerende instantie(s) kunnen beschikken om het doel te bereiken.
Leg termijnen vooraf vast. Neem als sommige doelen een tijdelijk karakter hebben een duidelijke einddatum/evaluatiedatum op in de wet. Verwacht niet dat de uitvoerende instanties spontaan zullen besluiten zichzelf op te heffen.
National Information Infrastructure, nieuw elan.
Het
actieplan van de regering Clinton/Gore is een bijzonder
interessant fenomeen. Veel van de commentaren in de VS waren
nogal kritisch. In feite gaat het, volgens de afstandelijken, om
een al langer lopend debat over het verbeteren van Internet.
Gore heeft het project vervolgens rijkelijk voorzien van
politieke saus. De beperkte hoeveelheid geld, op dit moment niet
meer dan 1,5 miljard dollar, en het tegenwoordig zorgvuldig
vermijden van de aanduiding highway vanwege de associatie die dat
oproept met federale financiering, lijkt dit beeld te bevestigen.
Veranderingsprocessen.
Telecommunicatie zal moeten
worden erkend als één van de smaakmakers van de
economie. Doelmatige inzet van belangrijk krachtiger
telecommunicatiesytemen zal Amerika en grote stap voorwaarts
moeten laten nemen. Daarbij past het in gang zetten van een
veranderingsproces gericht op het tot stand komen van regelgeving
die meer ruimte biedt voor concurrentie. Een uitgangspunt zal
daarbij moeten zijn dat het bedrijfsleven gemotiveerd wordt door
een stabiele regelgeving. Daarbij past ook het heroverwegen van
de inhoud van de universele dienst.