Tekstvoorstel
In relaties met andere individuen heeft een ieder bij het uitoefenen van het
recht van informationele zelfbeschikking de volgende plichten en
verantwoordelijkheden:
- De plicht geen inbreuk te maken op de rechten van anderen, dan wel anderen
onnodig te schaden in hun belangen.
- De plicht aan te geven wat het doel en de aard van aangeboden informatie is
alvorens de informatie daadwerkelijk met anderen uit te wisselen.
- Als gebruik wordt gemaakt van een informatieaanbod of -
uitwisseling:
de plicht zich te houden aan door de aanbieder gestelde voorwaarden.
- De volle verantwoordelijkheid te nemen voor elke aangenomen naam of
zelfgekozen identiteit.
Discussiepunten
- Voor een deel is dit principe het spiegelbeeld van de rechten van principe 4
- voor een ander deel gaat het om nieuwe elementen. De vraag is of het beeld
compleet is, ook als in aanmerking wordt genomen dat de strekking van paragraaf
a zeer ruim is.
- De vraag is hoe deze plichten (in relaties tussen individuen) afgedwongen
moeten worden: via het strafrecht/de overheid of via het civiele recht/eigen
initiatief?