
De meta-netwerkinfrastructuur die het Internet is, kan ruwweg worden opgedeeld in drie typen deelnetwerken, elk met zijn eigen functies:
Figuur: Koppeling van LAN, WAN en Access Netwerken' geeft aan hoe WAN's, LAN's en access netwerken onderling gekoppeld kunnen zijn. Wanneer deze tot één organisatie behoren, wordt die verzameling vaak een 'corporate netwerk' genoemd. Een corporate netwerk kan weer met een backbone (WAN) van een Internet aanbieder zijn gekoppeld voor de koppeling met de buitenwereld.
Afbeelding: Koppeling van LAN,
WAN en Access Netwerken (4.5 kb)
Koppelingen tussen de drie typen netwerken kunnen volledig transparant voor de gebruikers worden gemaakt doordat dezelfde netwerkprotocollen woren gebruikt. In het geval van het Internet is dit TCP/IP (zie deel II-5). Gebruikers van LAN's en access netwerken die met TCP/IP met het WAN van een Internet provider zijn gekoppeld, zijn zo in staat om van alle Internet toepassingen gebruik te maken. Soms echter worden koppelingen alleen maar gerealiseerd voor bepaalde applicaties, zoals e-mail. In dat geval hoeven de netwerkprotocollen op de onderling gekoppelde netwerken niet hetzelfde te zijn.
WAN's, LAN's en accessnetwerken kunnen bestaan uit verschillende
'transportmiddelen' (zie figuur 'OSI referentiemodel'), zoals: telefoonnetwerk, ISDN, TV-kabel,
satellietverbindingen en dergelijke. Een WAN maakt meestal gebruik van
transportmiddelen die permanente verbindingen kunnen bieden en relatief grote
afstanden kunnen overbruggen. Voorbeelden daarvan zijn PTT-huurlijnen en
satellietverbindingen. Ook een LAN vraagt om permanente verbindingen, maar een
LAN is meestal opgebouwd uit andere transportmiddelen dan een WAN. De reden is
dat op de kleinere schaal van een LAN efficiëntere en snellere technieken
gebruikt kunnen worden dan voor een WAN. LAN's maken gebruik van middelen als
Ethernet en Token Ring, die beide weer van verschillende typen kabels' gebruik
kunnen maken (zie het volgende hoofdstuk). De access netwerken hoeven niet
persé gebruik te maken van permanente verbindingen. De thuisgebruiker
heeft meestal geen behoefte aan continue beschikbaarheid. Daarom
worden voor access netwerken vaak geschakelde netwerken zoals het telefoonnet
of ISDN gebruikt. Er zijn echter ook accessnetwerken gebaseerd op de TV-kabel
die wel permanente beschikbaarheid bieden.
De transportmiddelen waar WAN's en accessnetwerken gebruik van maken zijn bijna
volledig in handen van PTT's en kabelmaatschappijen. Ook al zou men het dus
willen, het volledig kunnen beschikken over een eigen WAN of
access netwerk is niet mogelijk. In plaats daarvan is men afhankelijk van
wat de PTT of kabelmaatschappij aanbiedt. Bij LAN's speelt dit probleem niet. Voor
LAN-apparatuur bestaat een
vrije markt en iedereen die een LAN wil aanleggen kan de apparatuur die hij wil gebruiken
vrij kiezen. Wellicht is dit er de
oorzaak van dat de ontwikkeling van de LAN-technologie veel harder gaat dan van
WAN's en accessnetwerken. In ieder geval is het vreemd dat de meeste WAN's veel
minder capaciteit hebben dan de LAN's die er mee gekoppeld zijn.
| snelheid: | aantal A4/minuut |
| 9600 bit/s | 36 |
| 64 Kbit/s | 240 (k=kilo) |
| 2 Mbit/s | 7.500 (M=Mega) |
| 34 Mbit/s | 120.000 |
| 1 Gbit/s | 3.750.000 (G=Giga; Giga = 1000 Mega) |
Einde kader
Doordat er technieken komen die zowel voor LAN's als WAN's zijn te gebruiken groeien de communicatiesnelheden van LAN's, WAN's steeds dichter naar elkaar toe. De accessnetwerken blijven nog een beetje achter. In de praktijk waarin met de financiele beperkingen rekening gehouden moet worden zijn de communicatiesnelheden als volgt:
| LAN | 10-100 Mbit/s | (ethernet, tokenring, ATM) | |
|---|---|---|---|
| WAN | 2-45 Mbit/s | (huurlijnen, ATM) | |
| Access Netwerk | 14.4-64 kbit/s | (telefoonnet, ISDN) |
Bij traditionele toepassingen als e-mail en remote access lijken transportcapaciteiten tot 64Kbit/s voor een organisatie van gemiddelde omvang voldoende. Voor nieuwe toepassingen, in het bijzonder die met een multimedia karakter, is dit zeker niet het geval. Hiervoor zullen capaciteiten op Megabit/s-niveau noodzakelijk zijn. De meeste accessnetwerken zijn daarvoor (nog) niet geschikt. Naast de snelheid wordt een ander onderscheid tussen LAN's, WAN's en accessnetwerken gevormd door de gebruikte topologien. Deze komen vaak voort uit de specifieke funktionaliteit die deze deelnetwerken moeten bieden.